Routinematig afnemen van een urinesediment.

algemene gegevens

Auteurs: Marjolein Lust (Amsterdam UMC, locatie AMC)
Autorisator: Christine Dolman
Datum: okt 2018

de aanbeveling

• Het is aan te bevelen om geen urinesediment routinematig af te nemen bij patiënten die een
hartoperatie ondergaan, tenzij zij symptomen van een urineweginfectie hebben of verhoogde infectiewaarden in het bloedonderzoek (CRP hoger dan 10 mg/l).
• Niveau van bewijs: B

Stap 1: Ask

Klinisch Scenario

De dag voor een hartoperatie worden bij alle patiënten, die opgenomen worden voor een hartoperatie in het Amsterdam UMC, locatie AMC een urinesediment afgenomen. Het doel hiervan is
dat een eventuele urineweginfectie al behandeld kan worden voor de ingreep, ter voorkoming van
verspreiding van bacteriën uit de urinewegen postoperatief. Verpleegkundigen vragen zich echter
af of het noodzakelijk is een urinesediment bij alle patiënten af te nemen, of alleen op indicatie.

PICO

P: Patiënten die een hartoperatie ondergaan
I: Preoperatief geen urinesediment afnemen
C: Routinematig preoperatief een urinesediment afnemen
O: Postoperatieve infecties (als gevolg van verspreiding van bacteriën uit de urinewegen)

Stap 2: Acquire

De Zoekstrategie

Search: PubMed en Cochrane tot en met 2018.
Zoektermen: cardiac surgery, heart surgery, bacteriuria, urinary tract infection, preoperative.
Resultaten: 2 historische cohort studies(1),(2).

Stap 3: Appraise

De Kritische Beoordeling

Methode van onderzoek:
Beide studies(1),(2) hebben een historisch cohort design. Omdat bij de onderzoeksvraag achteraf in
de dossiers gegevens opgezocht worden, kan er snel vertekening van resultaten plaatsvinden.
Bij beide studies wordt goed beschreven welke beperkingen als gevolg van het studie design er
waren en welke keuzen gemaakt zijn.

De Resultaten

Lange de et al.(1)
onderzochten 1002 patiënten die een hartoperatie moesten ondergaan en preoperatief nitrituria en/of leucocyturia hadden. Het exclusiecriterium was een CRP hoger dan 10
mg/l. Gekeken werd naar de postoperatieve infecties en de opnameduur. Van de 1002 patiënten
kregen 3.9% preoperatief antibiotica. Van de 96.1% van de patiënten die niet behandeld waren, had
8.3% postoperatief een infectie, in vergelijking met 5.1% in de behandelde groep. De Odds Ratio
was 0.53, 95% betrouwbaarheidsinterval (BI) 0.12 tot 2.24, p=0.39. Ook de opnameduur tussen
de behandelde en niet behandelde patiënten was niet significant: Hazard Ratio 1.05, 95% BI 0.63
tot 1.75, p=0.85. Uit de resultaten blijkt dat geen van de onbehandelde preoperatieve patiënten,
postoperatief een infectie kreeg als gevolg van verspreiding van bacteriën uit de urinewegen. Uit
bovenstaande blijkt dat het veilig is om asymptomatische bacteriurie voorafgaand aan een hartoperatie niet te behandelen. Het routinematig preoperatief afnemen van een urinesediment kan
daarom achterwege gelaten worden.
Duarte et al.²
onderzochten 840 patiënten die een hartoperatie moesten ondergaan en keken hierbij naar risicofactoren voor postoperatieve infecties. Er was speciale interesse voor het preoperatief
behandelen van een asymptomatische urineweginfectie, naast de al bekende risicofactoren (diabetes mellitus, COPD, nierfalen, preoperatieve opnameduur >7 dagen, bloedtransfusie, operatietijd
>300 minuten, of een intensive care opnameduur >3 dagen) voor postoperatieve infecties.
In totaal hadden 33 patiënten preoperatief een asymptomatische bacteriurie (3.9%) en 13 een
urineweginfectie (1.5%). In totaal kregen 80 patiënten postoperatief een infectie (9.5%). In een
multivariate analyse werd voor de preoperatieve asymptomatische bacteriurie een relatief
risico (RR) gevonden van 0.83, 95% BI 0.26 tot 2.56, p=0.74. Het hebben van een preoperatieve
urineweginfectie gaf een RR van 2.54, 95% BI 0.60 tot 10.69, p=0.20. Beide risicofactoren waren
niet significant voorspellend voor een postoperatieve infectie na hartchirurgie. In de multivariate
analyse bleken met name geslacht (vrouw), Friedman score (waarin o.a. diabetes en obesitas wordt
gescoord) en intra-operatieve transfusie significante voorspellers voor een postoperatieve infectie.

Stap 4: Apply

De Conclusie

Beide onderzoeken bestudeerden patiënten die een hartoperatie hebben ondergaan. Hieruit blijkt dat er geen relatie bestaat bij preoperatieve patiënten zonder klachten van een urineweginfectie met het krijgen van een postoperatieve infectie. Het lijkt daarom veilig om alleen een urinesediment af te nemen indien patiënten symptomen van urineweginfecties hebben of bij patiënten waarbij de infectiewaarden verhoogd zijn (CRP hoger dan 10 mg/l).

De Aanbeveling

• Het is aan te bevelen om geen urinesediment routinematig af te nemen bij patiënten die een
hartoperatie ondergaan, tenzij zij symptomen van een urineweginfectie hebben of verhoogde infectiewaarden in het bloedonderzoek (CRP hoger dan 10 mg/l).
• Niveau van bewijs: B

Stap 5: Assess

Toepassing in de praktijk

De resultaten zijn toepasbaar voor onze afdeling (dezelfde patiëntenpopulatie). Het op indicatie afnemen van een urinesediment is voldoende om de kans op een infectie postoperatief als gevolg van verspreiding van bacteriën uit de urinewegen te verkleinen. Het resultaat van deze CAT zal worden geïmplementeerd, o.a. door het op te nemen in het protocol voor de preoperatieve voorbereiding bij hartoperaties.

Bronvermelding

1. Lange MP de, Sonker U, Kelder JC, et al. Practice variation in treatment of suspected asymptomatic
bacteriuria prior to cardiac surgery: are there differences in postoperative outcome? A retrospective
cohort study. Interactive CardioVascular and Thoracic Surgery 2016;22:769-775.
2. Duarte JC, Reyes P, Bermúdez D, et al. Bacteriuria is not associated with surgical site infection in
patients undergoing cardiovascular surgery. American Journal of Infection Control 2018;46:180-185.

Geef een reactie